Sinds 1969 ben ik lid van de Nijmeegse Luchtvaartclub en houdt mij derhalve bezig met modelvliegerij. In het begin met het bouwen en vliegen van kleine vrij vliegende zweefvliegtuigen, maar vanaf 1970 vooral met lijnbestuurde modelvliegtuigen.
Vanaf 1982 tot 1996 ben ik voorzitter van deze club geweest. Maar:
De NLC is een vereniging in Nijmegen waarvan de leden zich bezighouden met de modelvliegsport. De vereniging bestaat al sinds 1934 en heeft in haar geschiedenis verschillende bestaansvormen gekend. Het begin was een afspiegeling van de grote luchtvaart die juist in die tijd begon op te komen. Met de komst van de eerste radiografische apparatuur groeide de NLC uit tot een fameuze vereniging op dit gebied. In '76 ging men het zwaartepunt van de aktiviteiten verleggen naar vrije vlucht en lijnbesturing en dat is tot de dag van vandaag zo gebleven. De club bestaat uit ongeveer 25 tot 30 leden en evenveel donateurs. De leden komen uit alle leeftijdsgroepen, uit alle lagen van de bevolking en hoewel het zwaartepunt ligt op een technische achtergrond is dit zeker geen 'must'. Het accent ligt namelijk even sterk op het sportieve als op het technische vlak.
De NLC houdt zich vooral bezig met twee minder bekende takken van de modelvliegsport, namelijk vrije
vlucht en lijnbesturing. Er wordt van alles gedaan op dit gebied:
men ontwerpt en bouwt modellen, men organiseert en vliegt wedstrijden. Er is een omvangrijk archief van bouwtekeningen.
De vereniging onderhoudt contacten die belangrijk zijn, zoals met andere modelvliegclubs, met de overheid en met
de landelijke bond. Eenmaal per week is er een clubavond waar de leden kunnen bouwen of van gedachten wisselen
over van alles. Informatie wordt ook verspreid in het clubblad "In de Wolken" dat zelfs tot ver buiten
onze landsgrenzen gelezen wordt.

Een clubavond in het "oude" clubgebouw.
Boven: linksachter staand: leoV rechts zittend: Frans Voskens (nu voorzittter)
Onder: vlnr: Norbert Voskens, Martijn Aarts, Frans Voskens,
Jeroen Wakkers, Jurgen Maassen, Thedo Andre, Roeland Cuypers
Lijnbesturing is een vorm van modelvliegsport waarbij men gebruik maakt van vliegtuigen die door de vlieger met behulp van twee staalkabels bestuurd worden. Bij de lijnbesturing heeft men direct contact met het model, men voelt de druk op de roeren. Veel ex-piloten bijvoorbeeld, vonden dit een reden om deze sport te gaan beoefenen. Er zijn vier hoofdindelingen in de lijnbesturing:


linkerfoto: Bjarne Schou en Henning Forbech uit denemarken bereiden
een model voor.
Rechts: Soms crashed er weleens wat: "Waalbrug" modellen van de NLC
De wereld van de lijnbesturing is niet zo groot en speelt zich voornamelijk af op wedstrijdnivo. Een en ander leidt ertoe dat de vliegers zich regelmatig naar het buitenland begeven voor bijvoorbeeld Europese en Wereldkampioenschappen. Toch wordt er ook gewoon voor het plezier gevlogen. Modellen en soms ook motoren worden zelf gebouwd en ontworpen. Ook propellors en allerlei hulpmiddeltjes worden vaak zelf gefabriceerd en de NLC kan hierbij meestal met raad en daad bijstaan.
Als je wilt kun je nog een kijkje nemen in de foto-gallerij

De USE MKII is een 2.5cc Combat
motor welke gebouwd werd in Nederland.
De motor weegt 115 gram em maakt ong. 30.000 rpm (goed voor bijna 1 PK)
Bij vrij vliegende modellen kan de vlieger tijdens de vlucht geen invloed meer op het model uitoefenen. Daarom
wordt meestal vooraf met behulp van een klokje dat in het model zit de vluchtduur beperkt. Dit voorkomt dat het
model te ver wegvliegt.
Er zijn twee hoofdcategorien, indoor en outdoor die elk weer onderverdeeld zijn in verschillende
klassen.
De outdoor vrije vlucht kent drie zweefklassen. De A2- zwevers worden de lucht ingelierd aan een lijn van 50 meter
lang. Op het juiste moment, bij voorkeur in een thermiekbel, ontkoppelt de vlieger het model waarna dit op eigen
kracht rondjes begint te zweven. Binnen drie minuten kan zo'n model een flink eind weg zijn. Een variant van dit
A2-zweven is het A1-zweven. Dit is in principe hetzelfde, alleen is het model veel kleiner. Tenslotte is er nog
de klasse chuck. Hier wordt het model met de hand omhoog geworpen. Toch bereikt
het vaak een hoogte van zo'n 30 meter en kan het wel een minuut blijven vliegen.Mijn eigen favoriete model (eigen
ontwerp) is de batchuck . Je kunt ook van deze chuck een tekening
downloaden (PDF formaat)
Bij outdoor kent men twee klassen waarbij gebruik gemaakt wordt van modellen die een rubbermotor (de propellor
wordt voortbewogen door een opgewonden streng rubber) hebben. Een ervan is Coupe d'Hiver, ontworpen voor wedstrijden
in de winter. De andere outdoor rubbermotorklasse is Wakefield, een echte zomersport.
Bij indoor kennen we het micro-film waar
men modellen gebruikt die ongeveer 1 gram wegen en vaak meer als een half uur vliegen. Ook hier gebruikt men zo'n
rubbermotor. Deze sport vraagt veel concentratie en tevens enige bouw- en vliegervaring. Daarom zijn er ook enkele
eenvoudigere indoorklassen, zoals Penny Plane en EZB.

een F1D indoor model, gewicht ong. 1 gram, aandrijving door rubbermotor
Bij het ontwerpen, bouwen en vliegen van vrije vluchtmodellen komt veel kijken. Handvaardigheid, aerodynamica, thermiekdetectie en speciale materialen bijvoorbeeld. De NLC heeft al jarenlang een zeer sterke vrije vlucht ploeg. Deze mensen zijn bereid om iedereen die geinteresseerd is in vrije vlucht, op weg te helpen.
Voor nog meer informatie kun je me ook e-mailen
last update 22 jan 2002